Hoe ben je hier dan? Lopend.

Paar
Het heeft toch echt wel iets van een overwinning. Lopen naar een eiland door de zee. Natuurlijk iedereen die wel eens een wadlooptocht heeft gedaan, weet dat je met een klein beetje conditie wel naar Ameland kan lopen. Maar toch ……  Als je op de terugweg op de veerboot zit en peilt waar je die ochtend hebt gelopen, waar nu alleen maar water is, bekruipt je een gevoel van trots.
Voor dag en dauw zijn we deze morgen opgestaan. Om 4.00 uur ging de wekker. En net als vroeger, de nacht voor ik op schoolreisje ging, had ik om 4.00 uur eigenlijk nog geen oog dicht gedaan. Je verwacht het niet maar ondanks dat je zo’n nacht niet hebt geslapen, ben je toch eigenlijk verrassend helder. Om 5.00 uur vertrokken we (Laurens, Marijke, Herrie, Nienke en ik) naar Holwerd, een kleine 1,5 uur rijden. Marijke had zich daar wat op verkeken. “Jullie wonen toch in het noorden?” Dan kan het nog noorderlijker noorden, toch nooit ver weg zijn?
Om 6.30 uur meldden wij ons op de pier van Holwerd. We waren niet de enige. Onze gids was er ook, met Meina, die ook gids is. Kijk, ik wil best wadlopen, maar ik moet me wel veilig voelen en bij Chris en
Meina weet je dat je in goede handen bent. We vertrokken als laatste met nog een 11-tal Groningers uit Hoogezand, die je zeker op de vrouge morgen niet goud kunt verstaan.
Lucht
Ja en dan komt het. Je stapt het wad op. De nieuwe basketbalschoenen zijn binnen een mum van tijd onherkenbaar. Eerst 5 minuutjes glijden en dan hup drie kwartier het slik in, laten we zeggen, het hilarische stuk. Dan volgt het mooie stuk. over het zand, langs mosselbanken, met prachtige uitzichten. De enige obstakels die dan nog genomen moeten worden zijn wat geulen en prielen, waar je doorheen moet. Het water tot het kruis, maar dat brengt verfrissing. Ons groepje bleef wat achter op het wad en liet zich uitgebreid, door Meina, vertellen over wat er allemaal te zien is en hoe het zit met het tij. Tot groot verdriet van de groep uit Hoogezand, die tou was aan koffie. We hoorden alleen nog de vogels. En terwijl iedereen al lang aan wal was, slenterden wij rustig verder. Dat mocht, wat mij betreft, wel uren duren, zeker omdat de zon steeds uitbundiger ging schijnen. We stonden voor de middag op Ameland. Bij de wasplaats konden we ons wassen, maar erg vies waren we niet geworden. Na de koffie, met
Nobe
appeltaart en niet te vergeten het “Nobeltje” namen we afscheid van Chris en Meina en crosten we nog zo’n 25 kilometer met onze huurfietsen over Ameland. Eerst naar de Noordzee en daarna door de duinen naar de vuurtoren en weer terug naar Nes. Toen was het welletjes. Om 15.30 uur namen we de boot en om 18.00 uur was ik weer thuis, waar ik nu toch echt wel luciferstokjes nodig had om de ogen open te houden. Maar wat een dag. Het lijkt me een prima traditie elk jaar zo’n oversteek te doen, of ….. zou het misschien nog dit jaar een keer lukken. Maar eens even aan Chris en Meina vragen.

Advertenties