Opletten in Spier!

Terhorsterzand
Deze maandag geniet ik van een vakantiedag. Het is prima weer. Op de plank ligt de gedeeltelijk gelopen knapzakroute Spier. Het is een mooie middag voor de nog resterende 14 kilometers. Hond mee, klein rugzakje en we gaan.
Ik parkeer de auto in het dorp Spier. Spier komt van Spehorne, dat is afgeleid van de woorden ‘spe'(= uitkijken) en ‘hoerne'(= hoek). Vanuit Spier had je kennelijk een prima uitzicht over de omgeving. De naam werd gewijzigd in Spyrhoren, Spijerhoerne, Spyr en uitiendlijk in Spier. Waarschijnlijk vestigden de eerste boeren zich al in Spier voor de achtste eeuw. Het is een vruchtbaar gebied, met een gunstige grondwaterstand.
Al snel loop ik in een typisch Drentse omgeving. Stukjes heide, weilanden, bos, vennen, houtsingels en maxc3xafsvelden. Het is een best jaar voor de maxc3xafs. Op sommige plekken is het meer dan 3 meter hoog en veel planten hebben twee kolven!
Mais

Voordat ik de A28 oversteek, doorkruis ik het Ter Horsterzand. Op dit heideveld groeit veel jeneverbes. Laat ik daar nu een paar wandelaars tegenkomen met een boekje van "De loop van het Oude Diep"! Net als ik wil zeggen dat ze hier verkeerd lopen, blijkt dat zowel het Jacobspad als de wandeling "De Loop van het Oude Diep" over  het Ter Horsterzand komen. Wil ik dus niet smokkelen met deze routes, die ik momenteel ook loop, dan zie ik het Ter Horsterzand binnenkort nog twee keer terug. Er zijn ergere dingen.
Eenmaal de A28 overgestoken, ben ik in het Nationaal Park Dwingelderveld. Ik loop langs het Witteveen. Het veen werd in de twintiger jaren te nat bevonden om te ontginnen. En ook vandaag staan de koeien met de poten in het water. Omdat het hele gebied hier steeds natter wordt heeft Staatsbosbeheer een lang plankenpad aangelegd om droog door het gebied te kunnen gaan. Het lijkt nu nog wat onbenullig, omdat het er behoorlijk droog uitziet en de hond gewoon, zonder problemen, naast de planken met me mee hobbelt. 
Op de planken kom ik een hagedis tegen. Even verderop heb ik nog een ontmoeting. Ik loop, zoals altijd, om me heen te kijken en trap op iets. Ik kijk naar beneden. Ben ik dus met mijn grote schoenen op een adder gaan staan! Het beest lijkt er niet echt van de onder indruk. Ik des te meer. Ik spring een halve meter de lucht in en slaak een gil. Het is echt een flinke jongen. Ik kan het niet laten toch even een foto te maken, maar ik durf niet dicht bij te komen. Met de schrik in de benen loop ik de laatste kilometer terug naar Spier. Daar troost ik mijzelf met een ijsje.
Hagedis
Adder

Advertenties