Den Haag is door de jaren zoo veranderd ……

Als ik denk aan het Mauritshuis, denk ik aan een marmeren trap en als je de trap afloopt kijk je zo tegen “De stier van Potter” aan. Met dat beeld bezoek ik vandaag het Mauritshuis in Den Haag. Mijn beeld klopt niet meer. Ik vind de stier, maar niet de marmeren trap. De stier hangt tussen andere schilderijen. Het is zo’n 35 jaar geleden dat ik hier voor het laatst was. Waarschijnlijk is het Mauritshuis intussen wel een paar keer verbouwd, of zijn in ieder geval de schilderijen verhangen.

Nog net voor de drukte (massa’s Japanners) loop ik door de zalen. Vermeer, Steen, Potter, Rembrandt; het zijn de meesters uit de Gouden Eeuw, die hier hangen. Een hele mooie collectie. In de achttiende eeuw legde stadhouder en verzamelaar prins Willem V de basis voor de collectie. Toen zijn zoon koning Willem I de schilderijen aan de staat overdroeg, kreeg de verzameling de naam Koninklijk Kabinet van Schilderijen. Vanaf 1822 zijn de schilderijen gehuisvest in het Mauritshuis, zo genoemd naar de eerste bewoner, Johan Maurits graaf van Nassau-Siegen.

Bentheim_catalogus_3
Nog even kijk ik om de hoek bij de tijdelijke expositie, die mij hier heen bracht. Jacob van Ruisdael ging in 1650 op reis naar Duitsland met zijn vriend, de schilder Nicolaes Berchem. Hij wilde inspiratie opdoen. Op reis ontdekte Van Ruisdael, Kasteel Bentheim. Hij raakte bijzonder gefascineerd. In de tijd daarna schilderde hij het kasteel zeker zestien keer. Hij romantiseerde het slot, maakte het mooier en de heuvel waarop het stond hoger. Voor de Japanners totaal niet interessant. Zij bezoeken alleen de publiekslievelingen. Het is bij de expositie over Kasteel Bentheim dan ook weldadig rustig.

Advertenties