Gladde paden en witte paarden, een eigentijds sprookje

Stal 
Het wandelpoolseizoen is weer begonnen. In de zomer wordt er, door de groep uit het Noorden, minder in groepsverband gewandeld dan in de herfst en winter. Ik organiseer vandaag een home-made wandeling rond de Anserdennen en het Dwingelderveld. Voor mijzelf betekent dat een thuiswedstrijd. De voorbereidingen beperken zich tot het doorgeven van datum en aantal wandelaars aan mijn buurvrouw van "De Groene Hof", waar we verzamelen. Maar als je denkt dat het dus een voorspelbaar dagje zal worden, dan heb je het mis. 

Na een uurtje wandelen komt een medewandelaar op een glibberig bospad ten val.  Met een doorweekte broek en een pijnlijke enkel wordt ze weer op de been geholpen. Gelukkig is het vooral de schrik die haar in de benen zit. Even verderop lopen twee witte paarden door het bos. Die horen in een wei, maar lopen op het pad. Wat doe je met twee loslopende paarden? In het huisje in het bos is niemand thuis die ons kan helpen met het bedenken van een antwoord op deze vraag. Een jager loopt ons tegemoet. Hij zal de loslopende paarden melden bij een boerderij verderop. Het verhaal begint aardig op een sprookje te lijken.

Oldenhut 
Langs Havezathe Oldengaerde gaan we naar het centrum van Dwingeloo, waar we mosterdsoep eten op de Brink. Dan gaan we het bos weer in en de hei op. Bij tijd en wijle is het flink nat en heeft de wandeling iets van een survival. Te natte bospaden vragen om ingewikkelde "bypasses". Het begint al wat te schemeren als we terugkeren in Ansen. Met uitzicht op de koeien in de koestal van de Groene Hof sluiten we de dag af. Er schiet mij op dit moment slechts een afsluitende opmerking in het hoofd: " …….. en zij leefden nog lang en gelukkig".

Advertenties