Marskramers in de regen

Leiden – Wassenaar

Het gebeurt ons zelden dat we een groot deel van de dag in de regen lopen. Vandaag moeten we eraan geloven, na maanden van prachtig weer. Dus paraplu mee en toch maar gewoon gaan. Lichaamsbeweging is goed voor een mens immers. We lopen van Leiden naar Wassenaar. Een mooie etappe, alhoewel het mooie vooral in de staart van het traject zit. Vanuit Leiden volgen we  het Rijn-Schiekanaal tot Voorschoten. We pauzeren  bij de plaatselijke snackbar. De Chinese gastvrouw voorziet ons in korte tijd van kopjes thee en lekkere frietjes. Als we weer buiten komen is het vrijwel droog. Het historisch centrum van Voorschoten is verrassend mooi, maar als je het uitloopt, beland je direct in de gekke drukke Randstad, met overal auto’s en herrie.  Dorus verbaast zich nog even over een bronzen beeld van een paard. Aan de stand van de oren ziet hij dat de beeldhouwer absoluut geen verstand van paarden heeft. Knorrend vervolgt hij zijn weg, wat een sukkel, zo’n kunstenaar. Mij was het trouwens niet opgevallen.
Landgoed De Horsten ligt er nogal grijs bij.  Wie weet vangen we een glimp op van Max, Alex en de kindjes van Oranje Nassau, die op De Horsten wonen. Stel je voor Willem die achter een nog niet zo zeker fietsende dochter aanrent of op het grasveldje aan het vliegeren is. Maar goed, daar is het ook geen weer voor. Op het prachtige landgoed staat een mooie jachthut, waar je echt koninklijk kunt pauzeren. Voorlopig hebben we geen haast om hier weg te komen. We drinken bokbier van een bijzondere soort uit  indrukwekkende glazen. Naar de bushalte is het dan gelukkig niet ver meer lopen.

Advertenties